zwijgrecht versus spreekplicht
aloïs van oevelen, joëlle rozie
In dit boek wordt aangegeven hoe het zwijgrecht van de partijen in een contract en van de partijen in een geding enerzijds en hun spreek- of informatieplicht anderzijds zich ten opzichte van elkaar verhouden en waar de scheidingslijn tussen beide te trekken is. Uit de bijdragen in deze bundel blijkt dat deze lijn niet eenvoudig te trekken is en vaak het voorwerp kan uitmaken van interpretatieverschillen en conflicten. In de eerste bijdragen wordt de problematiek van het zwijgrecht versus de spreekplicht achtereenvolgens behandeld in het strafprocesrecht, het privaatrechtelijk procesrecht en het tuchtrecht. Hierbij wordt ook ingegaan op de samenhang met het beroepsgeheim en de discretieplicht. Vervolgens komen de precontractuele informatie- en spreekplicht bij de totstandkoming van overeenkomsten in het algemeen en in het bijzonder bij arbeidsovereenkomsten en verzekeringscontracten aan bod. Ook het zwijgrecht en de spreekplicht in het vennootschaps- en financieel recht en in het fiscaal (straf)recht maken het voorwerp uit van een minutieuze en diepgaande analyse. Dit boek is dan ook een nuttig naslagwerk voor advocaten, magistraten, gerechtsdeurwaarders en alle geïnteresseerde juristen en rechtspractici. Met bijdragen van Frederic Blockx, Annick De Boeck, Robby Houben, Michel Maus, Joachim Meese, Beatrix Vanlerberghe en Daily Wuyts.